Naar het mbo. Maar wat is mbo eigenlijk?

Wil je naar het mbo? Of kiest jouw kind binnenkort een studie? Dan is het goed om te weten welke mbo-niveaus er zijn. En met welke vooropleiding je je kunt aanmelden bij het mbo. Maar ook wat je leert op het mbo en hoe het zit met de zaken als kosten en persoonlijke begeleiding. In deze video wordt alles over het mbo kort en duidelijk uitgelegd!

Wat leer je op het mbo?

De afkorting 'mbo' staat voor middelbaar beroepsonderwijs. Op het mbo leer je dan ook alles wat je nodig hebt om een echte vakman/-vrouw te worden of een beroep uit te oefenen. Je volgt veel praktijkonderwijs: in stages werk je bij verschillende bedrijven. Zo leer je waar je goed in bent en wat je leuk vindt. En vind je straks werk dat bij je past. Er zijn veel banen voor mbo’ers.

Er zijn verschillende soorten mbo-scholen: 

  • ROC (Regionaal Opleidingen Centrum): Je kunt er allerlei opleidingen volgen, die passen bij verschillende beroepsgroepen en sectoren. Meestal is er een roc bij jou in de buurt. Daardoor hoef je dus niet per se op kamers te gaan wonen of ver te reizen.
  • AOC (Agrarisch Opleidingen Centrum): verzorgt opleidingen op het gebied van voeding, natuur en milieu. Ook wel de ‘groene opleidingen’.​
  • Vakinstelling: hun opleidingen richten zich op één beroepsgroep binnen één sector. Bijvoorbeeld de scheepvaart of de grafische- en designsector.​
  • Particuliere school: bij deze mbo-scholen betalen studenten of bedrijven het lesgeld. Daardoor kan het zijn dat je meer betaalt dan voor een andere mbo-school.

Mbo: voor wie? Vmbo’ers, havisten én zonder diploma

Je kunt naar het mbo als je:

  • een vmbo-/mavo-diploma hebt
  • een overgangsbewijs van havo3 naar havo4 hebt
  • een havo-diploma hebt of eerder een ander diploma hebt gehaald
  • op een praktijkschool zit
  • en zelfs als jij je diploma niet hebt behaald

Welke mbo-niveaus zijn er?

Er zijn verschillende niveaus binnen het mbo:

  • Entree-opleiding
    Hier leer je alles over eenvoudig uitvoerend werk. Dit is een korte mbo-opleiding van één jaar.
  • Niveau 2
    In deze basisberoepsopleiding leer je uitvoerend praktisch werk te doen. Deze opleiding in het mbo duurt twee jaar.
  • Niveau 3 
    Dit is een mbo-vakopleiding. In twee tot vier jaar word je opgeleid om zelf een vak of beroep uit te kunnen oefenen.
  • Niveau 4 
    Er zijn twee soorten opleidingen op dit niveau. De eerste is de middenkaderopleiding, die duurt drie á vier jaar. De tweede heet specialistenopleiding of kopopleiding en duurt een tot twee jaar. In beide mbo-opleidingen leer je helemaal zelfstandig uitvoerend werk te doen. Met je diploma kun je werken op verschillende plekken en ben je expert in een bepaald gedeelte van je vak.

Niveau 2, 3 en 4 hebben een aantal verplichte vakken waarin je examen moet doen.

Een leerweg kiezen: hoe studeer jij het liefste? En wat kost dat (studiefinanciering)?

Naast een niveau kies je in het mbo ook de manier waaróp je studeert: je leerweg. Kies zelf welke van de twee leerwegen het beste bij je past:

Beroepsopleidende leerweg (BOL)

Beroepsbegeleidende leerweg (BBL)

  • Je combineert leren en werken.
  • Het grootste gedeelte van je opleiding (60% of meer) werk je in loondienst; je verdient dus meteen je eigen geld.
  • Minimaal een dag of avond per week volg je les op school.
  • Dit zijn de kosten.

Met beide leerwegen behaal je uiteindelijk hetzelfde diploma.

Inhoud van een opleiding: vakken en stage

Elke mbo-opleiding bestaat uit 3 onderdelen: 

  1. Basisdeel = algemene kennis en vaardigheden die belangrijk zijn voor het beroep: ​
    1. Taal, rekenen, loopbaan en burgerschap (voor alle mbo-studenten hetzelfde)​
    2. Algemene vaardigheden (hetzelfde voor opleidingen binnen een richting)​
  2. Profieldeel = specifieke kennis die belangrijk is binnen de opleiding die je gekozen hebt. ​
  3. Keuzedeel = dit zijn extra vakken die je kunt volgen (om je te verdiepen of verbreden). De keuzedelen verschillen per opleiding, ook zijn er algemene keuzedelen. ​

Stage

Bij een mbo-opleiding hoort ook stage, we noemen dat BeroepsPraktijkVorming (BPV). Tijdens je stage leer je hoe het is om in het echt te werken. En ontwikkel je diverse persoonlijke vaardigheden. ​20 tot 40% van je opleiding loop je stage; hoe de verdeling stage-school is, verschilt per opleiding. Bij de ene opleiding loop je in een bepaalde periode 10 weken lang 4 dagen per week stage (blok-stage), bij een andere loop je een half jaar lang 1 dag in de week stage (lint-stage). 

Ook heeft elke sector of opleiding een BPV-bureau waar stageplaatsen bekend zijn en waar je je inschrijft voor een stageplaats. Samen ga je op zoek geschikte stageplek. ​Bij veel opleidingen is het bovendien mogelijk om BPV in het buitenland te doen. Superleuk en leerzaam. Andere cultuur, andere taal en andere gewoontes. Het maakt de opleiding nog leuker en jouw mogelijkheden op de arbeidsmarkt interessanter.​

Kosten van een opleiding

Kosten zijn afhankelijk van je leeftijd, de opleiding die je kiest, de leerweg en het niveau.​

Les- of cursusgeld​

Ben je op 1 augustus van het 1e studiejaar 18 jaar of ouder en ga je een voltijd BOL-opleiding volgen, dan moet je lesgeld betalen. Ga je een BBL-opleiding volgen, dan moet je cursusgeld betalen. Vaak betaalt de werkgever het cursusgeld. Ben je dus op 1 augustus van het 1e studiejaar jonger dan 18 jaar, dan hoef je dat schooljaar nog géén les- of cursusgeld te betalen. ​

​Leermiddelen en materialen ​

ROC Nijmegen betaalt de basisuitrusting; alle voorzieningen die jij nodig hebt om onderwijs te volgen en het diploma te behalen (bijv.: lokalen, apparatuur, tentamens, schoolpas, introductiedagen, administratiekosten etc). ​Jij betaalt zelf voor de leermiddelen waar je verantwoordelijk voor bent, zoals: boeken, licenties, laptop, agenda, rekenmachine, gereedschap, werkkleding/-schoenen en kopieer- en printkosten.  ​

​Financiële uitdaging? 

Hiervoor hebben we een Financiëel spreekuur (een afspraak maak je dan via je trajectbegeleider). Er zijn voldoende mogelijkheden.  ​