Flexibiliteit

Een flexibele opstelling is nodig wanneer (werk)omstandigheden regelmatig wijzigen. Dat wil zeggen de bereidheid hebben om de eigen werkwijze, prioriteiten, planning etc. te veranderen wanneer de omstandigheden daarom vragen. Het is daarbij nodig overzicht te houden op de situatie en de eigen rol daarin.

Gedragsvoorbeelden:

  • Tijdens het werken snel overschakelen naar andere taken wanneer er bijvoorbeeld een spoedklus tussendoor komt;
  • Weten dat het werk waaraan men reeds begonnen was op een ander tijdstip alsnog gedaan moet worden en dit inplannen;
  • Snel van rol kunnen wisselen (bijvoorbeeld even ophouden met de rol van kennisoverdrager wanneer een boze ouder verhaal komt halen);
  • Met de nodige vindingrijkheid oplossingen verzinnen voor onvoorziene problemen of situaties;

Reflectievragen:

  • Heeft u wel eens meegemaakt dat zich een onverwachte situatie voordeed? Hoe ging u daar mee om?
  • Heeft u wel eens meegemaakt dat u een activiteit niet volgens plan kon afmaken vanwege nieuwe ontwikkelingen of beslissingen? Hoe ging u daarmee om?