Onderstaande informatie over belastingen, sociale zekerheid en subsidies is onder voorbehoud van tussentijdse wijzigingen door veranderingen in de wet- en regelgeving. Aan deze informatie zijn geen rechten te ontlenen. Het besluit ‘loonheffingen, inkomstenbelasting, heffingsaspecten stagiairs’ van de minister van Financiën, geeft aan in welke situaties een leerbedrijf loonbelasting en sociale verzekeringspremies moet inhouden.

Zorgverzekeringswet (ZVW)

De stagiair, die verzekerd is voor de volksverzekeringen, is ook verzekerd voor de Zorgverzekeringswet. Over de als loon aan te merken onderdelen van de stagevergoeding moet de inhoudingspichtige de regelgeving omtrent de inkomensafhankelijke bijdrage ZVW toepassen.

Werknemersverzekeringen en Wajong

De verzekeringsplicht van stagiairs voor de werknemersverzekeringen is als volgt geregeld:

Werkloosheidswet

Studenten zijn verzekerd als er sprake is van een ‘echte’ dienstbetrekking in de zin van de WW. Zij zijn niet verzekerd voor de WW op grond van een fictieve dienstbetrekking.

Ziektewet

Studenten zijn verzekerd voor de ZW bij zowel een ‘echte’ als een fictieve dienstbetrekking. Mocht de student die een vergoeding ontvangt ziek worden, dan heeft hij recht op loondoorbetaling (70% van het BPV-loon). De loondoorbetaling kan het leerbedrijf bij de bedrijfsvereniging (UWV) vergoed krijgen. Na afloop van de Praktijkovereenkomst (BPVO) ontvangt de student mogelijk een ziektewetuitkering van het UWV. Als de student langdurig ziek wordt, is het verstandig dat hij contact opneemt met het UWV in verband met een keuring voor de indicatie Wajong of No-Risk (zie hieronder).

Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen

Voor de WIA geldt een verzekeringsplicht voor een stagiair die werkt op basis van een ‘echte’ dienstbetrekking. Er is geen verzekeringsplicht voor de WIA op basis van een fictieve dienstbetrekking.

Wet Werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten

Als een student vóór zijn 18e levensjaar, of tijdens een studie, arbeidsongeschikt wordt, komt hij mogelijk in aanmerking voor een Wajong-indicatie. Na een keuring beoordeelt het UWV in welke mate sprake is van arbeidsongeschiktheid.

Subsidieregeling Praktijkleren (voorheen WVA)

De Wet Vermindering Afdracht (WVA) is op 1 januari 2014 omgezet in de subsidieregeling Praktijkleren van het ministerie van OCW. Als een bedrijf in aanmerking wil komen voor subsidie moet de student een volledig onderwijsprogramma voor een erkend kwalificerend diploma volgen. In de Wet Educatie en Beroepsonderwijs is geregeld dat voor een mbo-BBL-opleiding in ieder geval 200 begeleide onderwijsuren gegeven moeten worden en 610 praktijkuren vanuit het bedrijf. Dat betekent dat afspraken over rechten en plichten zijn vastgelegd en ondertekend in een beroepspraktijkovereenkomst (BPVO). Op basis van het aantal weken dat een bedrijf de praktijkbegeleiding verzorgt, wordt de hoogte van de subsidie vastgesteld. Indien een student in het lopende schooljaar de opleiding beëindigt en het bedrijf verlaat, ontvangt het bedrijf maar de helft van de subsidie.

     
×
Wij gebruiken Cookies

ROC Nijmegen gebruikt cookies (en andere technieken) en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website onder andere om deze te analyseren en te verbeteren. Meer informatie

Cookies accepteren