Leerbedrijf en ROC Nijmegen geven samen vorm aan de  inhoud en organisatie van de beroepspraktijkvorming (BPV). Op basis van het onderliggende kwalificatiedossier. De BPV-periodes zijn zoveel mogelijk afgestemd op de mogelijkheden en wensen van het werkveld. Ze passen bij de opleiding en het toekomstige beroep van de student. Dit geldt ook voor de keuze van het BPV-model: een blokstage, lintstage of alternerende stage. De omvang van de BPV is afhankelijk van de leerweg die de student volgt: de BOL of de BBL.

 Het plannen en voorbereiden van de BPV bestaat voornamelijk uit:

  • het werven van bedrijven; 
  • het voorlichten van studenten en leerbedrijven;
  • het voorbereiden van de student op de BPV:
  • de werkzaamheden, de planning, de leerdoelen en de te behalen resultaten;
  • het maken en vastleggen van afspraken;
  • het opstellen van de Beroepspraktijkvormingsovereenkomst (BPVO);
  • verzekering checken;
  • eventueel aanvragen van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG).

Hierbij moet rekening worden gehouden met diverse praktische regels en afspraken. Zo zijn leerbedrijven bijvoorbeeld niet verplicht om BOL-studenten een stagevergoeding te geven.

Student en leerbedrijf ontvangen aan het begin van de BPV het BPV-werkboek van de opleiding. Voor medewerkers is er aanvullende informatie in de Toolbox BPV. Het document  pdf Visie en beleid beroepspraktijkvorming  omschrijft hoe ROC Nijmegen aankijkt tegen en omgaat met beroepspraktijkvorming. 

Blokstage, lintstage of alternerende stage

Een blokstage is een aaneengesloten BPV-periode waarbij studenten aan de slag gaan bij een leerbedrijf. Een blokstage kan een week duren, maar ook twee of meer aaneengesloten weken. Een lintstage is een vast onderdeel van het weekprogramma van de student gedurende een relatief lange periode. Een student gaat bijvoorbeeld twee dagen per week op stage.  Een alternerende stage  is een combinatie van een blok- en lintstage.

Matchen

Op basis van de mogelijkheden van leerbedrijf en de leerdoelen van de student vindt er een match plaats tussen een erkend leerbedrijf en student. De opleiding is eindverantwoordelijk voor het plaatsen van de student bij een leerbedrijf.

Voorbereiding BPV voor een leerbedrijf

Als een bedrijf geen erkend leerbedrijf is, krijgt dit bedrijf informatie hoe het die erkenning kan krijgen. Vanuit de opleiding wordt overlegd over de invulling van mogelijkheden en de wensen van het leerbedrijf en de opleiding.

Voorbereiding BPV voor studenten

Voorafgaand aan de BPV zijn de studenten op de hoogte van de omvang en de werktijden van de BPV. Ze weten welke opdrachten zij moeten uitvoeren, hoe de begeleiding vanuit de opleiding en het leerbedrijf is geregeld en waarop zij worden beoordeeld.

Alle opleidingen maken gebruik van een BPV-werkboek. Student en leerbedrijf ontvangen dit werkboek aan het begin van de BPV. Voor medewerkers is er aanvullende informatie in de Toolbox BPV

Veiligheid

Veiligheid is een belangrijk aandachtspunt in de voorbereiding op de BPV. Dat gaat bijvoorbeeld over het werken met voertuigen, machines en chemische stoffen, maar vooral ook over sociale veiligheid (seksuele intimidatie, discriminatie, agressie, pesten of geweld) bij collega’s en/of cliënten.

Privacy

Soms vraagt het leerbedrijf de persoonsgegevens van een student op voordat hij aan de BPV begint. Dat gaat meestal om naam, adres, woonplaats en het burgerservicenummer. De reden is dat een bedrijf de student als ‘nieuw personeelslid vóór de eerste werkdag moet aanmelden bij de Belastingdienst. Dat is verplicht volgens de Invoeringswet Wet financiering sociale verzekeringen. In het kader van de Wet Bescherming Persoonsgegevens moet de student toestemming geven aan ROC Nijmegen voor het verstrekken van de persoonsgegevens aan het leerbedrijf.

     
ROC Nijmegen gebruikt cookies (en andere technieken) en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website onder andere om deze te analyseren en te verbeterenOK, sluiten